Het Noord-Hollandse CONO Kaasmakers was in 2020 de eerste zuivelorganisatie in Nederland waarvan de kaasmakerij klimaatneutraal gecertificeerd is. Daarmee was het de meest duurzame kaasmakerij. Het bedrijf loopt niet alleen voorop met slimme productieprocessen in de kaasmakerij. Duurzaamheid staat ook hoog op de agenda op het erf en in de weides van de vierhonderd aangesloten melkveehouders. Welke extra initiatieven zijn er afgelopen vijf jaar zoal genomen in De Beemster?
CONO Kaasmakers is een coöperatie van melkveehouders met een kaasmakerij in De Beemster, Noord-Holland. Het zuivelbedrijf is onder meer bekend van de merken Beemster Kaas, Stompetoren en Oudendijk. Ook levert het bedrijf romige melk aan ijsmerk en strategische partner Ben & Jerry’s. Bij de 124-jarige coöperatie hebben de aangesloten veehouders traditiegetrouw twee keer per jaar een algemene vergadering. Duurzaamheidsbeleid en klimaatvriendelijke initiatieven worden breed gesteund binnen de coöperatie.
“Van onze veehouders neemt 98 procent deel aan ons duurzaamheidsprogramma”, zegt Janet Bakker, Projectmanager Sustainability and Climate bij CONO. “Ons duurzaamheidsprogramma Caring Dairy loopt sinds 2008 en is daarmee het eerste Nederlandse duurzaamheidsprogramma binnen de zuivelsector in Nederland.”
“Ook is er sinds 2002 een premie op weidegang, een belangrijke pijler binnen het bedrijf en op het erf van onze melkveehouders. In 2024 verzorgden onze veehouders 175 dagen weidegang van gemiddeld tien uur per dag. Dat ligt veel hoger dan het landelijk gemiddelde.”
Taste Award
Dit voorjaar werd kaasmerk Royaal (by Beemster) in Brussel door 200 internationale chefs en sommeliers bekroond met drie sterren bij de Europese Superior Taste Awards 2025.
“De hoogste erkenning die een product kan behalen. Het onderstreept de unieke kwaliteit van onze kaas”, aldus de CONO-website. Is die prijs mede te danken aan koeien in de wei en kruidenrijke graslanden, belangrijke aspecten in de bedrijfsvoering van duurzame veeteelt en ‘basis-ingrediënten’, voor kwalitatieve en smaakvolle kazen? Harco de Jager, Managing Director Operations bij CONO: “Kwaliteit begint bij stabiliteit in alle processen van het kaasmaken. Stabiliteit garandeert de kwaliteit op langere termijn en de basis van kwaliteit begint bij de koe.”
Janet Bakker: “Wij stellen uiteenlopende eisen aan de kwaliteit van melk. Zo mag er geen tarwegistconcentraat worden gevoerd en geen pensbestendige vetten. Voor alle bedrijven van leden melkveehouders geldt gmo-vrij voer. Er is een duidelijke voorkeur voor streekgebonden voer en klaver- en kruidenrijke graslanden.” “Denk daarnaast ook aan het belang van weidegang. Al die voorwaarden dragen bij aan de kwaliteit en excellente smaak van
onze kazen.”
Voor eind 2025 moet er een stroomkabel liggen om het complete proces te elektrificeren
Decarbonisatie
Op het gebied van decarbonisatie, het proces van het verminderen en uiteindelijk elimineren van de uitstoot van koolstofdioxide (CO2) en andere broeikasgassen, hebben de medewerkers van CONO niet stilgezeten, sinds het verkrijgen van het klimaatneutraalcertificaat in 2020.
Harco de Jager: ”Onze kaasmakerij is vrij nieuw. Bij de bouw zijn talloze afwegingen gemaakt om het pand en de productieprocessen zo duurzaam mogelijk te maken. Bij het ontwerp, de materialen, klimaat- en verlichtingssystemen en het toewerken naar efficiënte procestechnologie, hebben we het maximaal haalbare gezocht.”
“Speciale aandacht ging ook afgelopen periode uit naar het slim benutten van warmte- en koudeprocessen. De warmte die de kaasmakerij gebruikt, wordt zoveel mogelijk hergebruikt. We zijn constant bezig om de warmte die we overhouden in het proces een nieuwe bestemming te geven.”
Energiebesparing
Zo vindt er bij CONO Kaasmakers de nodige warmte-uitwisseling plaats, waar warmestromen en koude worden gebruikt. “Zo ga je efficiënt met de energie om,” zegt De Jager. “Alle warmte die overblijft, slaan we op in een grote tank. Op het moment dat een koudestroom verwarmd moet worden, gebruiken we eerst de restwarmte uit de tank. Met de ‘gratis’ warmte van onze reststromen verwarmen we weer andere stromen.”
Door continue verbetering, concludeert De Jager “zijn ook afgelopen vijf jaar op tal van fronten nieuwe stappen gezet. Stabiliteit in het kaasmaken betekent dat je producten in een keer goed maakt, zodat je geen energie hoeft te steken in het opnieuw maken van producten. Onze kwaliteit is hierdoor met zo’n zeventig procent verbeterd, wat uitwerking heeft op besparing van energie.”
Scope 1 en 2
Bij het in 2020 behaalde klimaatcertificaat gaat het onder meer over scores op de bedrijfslocatie in de Beemster en processen binnen de kaasmakerij (scope 1 en scope 2). Ook binnen scope 3, als kaasproducten de kaasmakerij verlaten voor afrijping, verpakking of levering, is winst geboekt. Zo werd de eerste elektrische melkwagen recent in gebruik genomen. Uitdaging sindsdien is het verder elektrificeren van het wagenpark en van de volledige productieketen.
De Jager: “Ons bedrijfsterrein in De Beemster voldoet nog altijd aan de hoogste duurzaamheidseisen, maar bevindt zich niet op een optimale locatie, aan het einde van de waterleiding en aan het einde van de stroomkabel. Voor het verder elektrificeren van productie en transport is een verzwaring nodig van de elektriciteitsaansluiting. Dat zagen we tijdig aankomen en we zijn dan ook in 2019 hierover in gesprek gegaan met de energieleverancier.”
Fundamentele verandering
Voor eind dit jaar moet er een nieuwe stroomkabel liggen die het mogelijk maakt het complete proces te elektrificeren. “Onze stroom wordt nu voor circa vijftig procent opgewekt door onze leden. De bredere ambitie is dat we volledig overschakelen op zelf gewonnen stroom. Zolang dat nog niet gaat, komt er duurzaam gewonnen elektriciteit van andere melkveelhouders en aanbieders in het land. Als de infrastructuur straks gereed is, volgt de fundamentele verandering van onze productie- en distributieprocessen.”
“Het doel voor 2030 staat gewoon overeind ondanks alles wat er in de wereld gebeurt: een reductie van 55 procent CO2 ten opzichte van 2020.”
Intussen loopt er ook een pilot met tien van onze melkveehouders om eind dit jaar vijftig procent CO2 te reduceren ten opzichte van 2015.”
Te bescheiden
Afgelopen tijd was er ook extra aandacht voor bedrijfscommunicatie. Zo is recent aan de al fraaie en publieksvriendelijke website het nieuwe tabblad ‘duurzame keten’ toegevoegd. Daar wordt voor bezoekers duidelijk welke initiatieven CONO Kaasmakers neemt en welke prestaties het bedrijf zoal boekt op de thema’s dierenwelzijn, klimaat, biodiversiteit en mens & maatschappij.
“Zo laten we beter uitgelicht zien welke stappen afgelopen jaren zijn gezet”, licht Janet Bakker toe. De Jager vult aan: “Tot op heden zijn we wellicht te bescheiden geweest en ligt er een mooie kans om ons duurzaamheidsverhaal sterker en zichtbaarder te maken. Inmiddels staan we op de Sustainable Brand Index van alle zuivelondernemingen al een paar jaar op de hoogste plek. De merkbekendheid van Beemster Kaas is hoger dan die van Pepsi.”
Bijenlint voor duurzame kaas
Met het project Beemster in bloei, werken CONO-veehouders en overige partners aan het verhogen van de soortenrijkdom op het platteland met bijenlinten die insecten aantrekken. Afgelopen jaren is er 53.000 vierkante meter bijenlint ingezaaid. CONO-veehouders zetten zich ook in voor weidevogelbeheer. Bijvoorbeeld door later in het voorjaar te maaien en delen van het grasland plasdras te zetten. Met dit zorgvuldige natuurbeheer hebben broedende weidevogels en kuikens meer voedsel en schuilgelegenheid, wat bijdraagt aan de biodiversiteit en een levendig boerenlandschap.
Dit artikel hoort bij Zuivelzicht | editie 6-2025. Het thema van dit nummer is Fusies en overnames. Abonnees kunnen alle artikelen ook online lezen. Nog geen abonnee? Sluit dan een abonnement af.


