Is het beter in het buitenland?

23 september 2026 Henk Vlaming
Onlangs hoorde ik op de radio een interview met een Nederlandse melkveehouder die naar Zweden was verhuisd en daar een melkveebedrijf had gekocht. Zweden schijnt fantastisch te zijn voor melkveehouders: weinig regelgeving, ruimte zat, geen stikstofdossiers, volop vraag.

Zweden produceert lang niet genoeg melk voor de eigen consumptie (10,6 miljoen inwoners). De zuivelimport (1,5 miljard euro) is er ruim twee keer zo groot als de zuivelexport (< 700 miljoen euro). Het Scandinavische land is ruim tien keer zo groot als Nederland, met nog geen 300.000 melkkoeien (Nederland: > 1,5 miljoen). De Zweedse melkplas bedraagt jaarlijks 2,9 miljard kilo. Ter vergelijking: de Nederlandse melkkoeien geven jaarlijks 14,6 miljard kilo melk (2025), ongeveer vijf keer zo veel.

In de media gaat het wel vaker over melkveehouders die emigreren, vooral naar Denemarken, Duitsland en Frankrijk. Maar van een ware exodus is geen sprake. Tussen 2010 en 2015 zijn er 55 veehouders de grens overgestoken, niet eens allemaal melkveehouders maar ook varkensboeren. De laatste jaren schijnt de belangstelling voor emigratie toe te nemen onder melkveehouders, maar het gaat om kleine aantallen: nog geen half procent in vijf jaar.

Dat het aantal melkveehouderijen krimpt (ca. 5000 bedrijven in tien jaar) ligt niet aan vluchtende melkveehouders. Het aantal melkkoeien is in tien jaar gekrompen met meer dan 100.000, maar de melkproductie steeg in die periode met ongeveer een half miljard kilo op jaarbasis.

Desondanks ervaren veel melkveehouders dat het moeilijk boeren is in deze tijden. Dit gebeurt wel vaker in sectoren die aanlopen tegen een productieplafond. De oplossing? Innovatie en daar is de complete zuivelketen volop mee bezig: andere productiemethoden, meer technologie, een kleinere footprint, zuivelproducten met hogere toegevoegde waarde.

Op papier klinkt dit mooi, maar veranderen doet pijn, vooral bij ondernemers lager in de productieketen, dus ook in de melkveehouderij. Natuurlijk leidt dit tot onrust en dat is niet voor het eerst. Maar er is ook goed nieuws: Nederland loopt wereldwijd voorop in de omslag naar een toekomstbestendige zuivelsector. Overal zijn er grenzen aan de groei van de zuivel, de zoektocht naar oplossingen is wereldwijd, ondanks alle voorbeelden van het tegendeel. Nederland als zuivelland blijft internationaal een boegbeeld. Daar gaat onze zuivelsector nog veel plezier aan beleven.

 

Dit artikel hoort bij ZuivelZicht | editie 6-2026. Abonnees kunnen alle artikelen ook online lezen. Nog geen abonnee? Sluit dan een abonnement af.

Ga naar editie