Met een blik naar het buurland Nederland belichten meer dan 250 deelnemers, vertegenwoordigers van het land Noordrijn-Westfalen, bij de ‘bond’ in Berlijn, de toekomst van de melkveehouderij die gevangen zit in het spanningsveld tussen natuur- en klimaatbescherming, toegevoegde waarde voor bedrijven en het doel een kwalitatief hoogwaardige voedselproductie te garanderen. Erwin Wunnekink, voorzitter van de vakgroep melkveehouderij van LTO Nederland, houdt een ‘impulsvoordracht’, waarna de discussie over de transformatie van landbouw en veeteelt losbarst.
Stikstofdoelen hetzelfde
Hoewel de uitgangssituatie, bijvoorbeeld wat betreft de veestapel per areaal, Nederland voor nog grotere uitdagingen stelt dan Duitsland, zijn de randvoorwaarden gelijk door de Europese regelgeving: beide landen moeten voor 2030 klimaat- en natuurbeschermingsdoelstellingen op het gebied van CO2-reductie en het verminderen van de stikstofuitstoot. De protesten van afgelopen zomer worden aangehaald, maar inmiddels zijn in Nederland stappen gezet.
Enorme opgave is oplosbaar
Wunnekink: “We kunnen nu samen met de politiek verdergaan. Technische innovaties zijn een sleutel die kan helpen de stikstofemmissies omlaag te brengen.” Hij ziet de enorme opgave waarvoor de veehouderij staat als oplosbaar, maar alleen als alle actoren gezamenlijk naar het doel toewerken.